Inspiratie M’n bloedspiegel was om in te lijsten. Behalve dan dat ik kanker had.

M’n bloedspiegel was om in te lijsten. Behalve dan dat ik kanker had.

Tekst Peter Lissens – Foto’s © Evert Thiry


Evert Thiry en Peter Lissens kennen elkaar al jaren. Ze maakten samen reportages over onder meer de Iron Man van Lanzarote, ze hadden samen een kookrubriek in P-Magazine en klommen – alweer voor een reportage – tijdens een oudejaarsnacht nacht naar de top van de Mont Blanc. Ze werden ook fietsbuddies en maakten zelfs plannen voor een wereldrecord, tijdens de vele kilometers in de Vlaamse Ardennen, langsheen de Hundelgemsesteenweg en op Lanzarote. Tot er iets anders kwam tussengefietst …

Evert: “Voor mij was het jaar begonnen net zoals bijna elk ander nieuw jaar: met goede voornemens, plannen, de bekende Rapha Festive 500 challenge was net achter de rug, dit was het jaar dat m’n gezin en ik onze Spaanse vastgoeddroom wilden realiseren… Vijftien januari was een dag als een andere, behalve dat ik die dag een afspraak had voor een routinecontrole bij de dokter. En die had na de controle slecht nieuws, inderdaad: dikke darmkanker…”

Peter: “Dat was een donderslag bij heldere hemel. Ik had je een paar jaar daarvoor – op jouw verzoek – aan het fietsen gekregen, en hoewel jij geen wedstrijden reed, en ik wel, was jij er eigenlijk veel fanatieker mee bezig dan ik. Je at gezond, keek de samenstelling van producten na op verpakkingen, vermeed zuivel, je dronk met mate …”

Evert: “Ja, dat kwam uit het niets. Ik was in de conditie van m’n leven. De meeste mensen ontvangen de brief met een uitnodiging om zich te laten screenen op darmkanker rond hun vijfenvijftigste. Ik was daar zelf al mee bezig en had dus die afspraak gemaakt. Vierenvijftig jaar oud, toen. Textbook case… Genetisch bepaald, zei de oncoloog.”

Peter: “De behandeling begon meteen met vijf weken chemotherapie en radiologie…”

Evert: “Ik kreeg meteen een soort van ‘pouch’ aangemeten voor een trage toediening van de chemo. Maar dat was nog een min of meer gebruiksvriendelijke oplossing. Ik kon blijven fietsen, maakte nog verschillende keren per week een tochtje van 60-70 kilometer tegen een voorzichtiger tempo en ik voelde me goed. Ik had weinig of geen bijverschijnselen van de chemo en ik was optimistisch. Daar had ik alle reden toe: de dokters vonden m’n bloedspiegel ‘om in te lijsten’. Behalve dan, dat ik kanker had, natuurlijk…”

Peter: “Ik heb op een gegeven moment ook radiotherapie en chemo gekregen, zij het dan met een grotere afstand tussen beide behandelingen en voor een veel minder zware operatie dan de jouwe. Voor die ‘radio’ stond er eerst een simulatie op het programma, een soort van algemene repetitie, waarbij onder meer hulpstukken werden uitgetest om me zo roerloos mogelijk te doen liggen. Die repetitie vond ik het meest indrukwekkend en emotioneel het zwaarste, gek genoeg. Daarna was ‘de kop eraf’, en werd de rest van die behandeling, tot de operatie, een soort van routine. Herken je dat, dat ‘business-as-usual’-gevoel. “

Evert: “Ja, ik ben eraan begonnen met een enorme drive, zo van: deze hordes gaan we gewoon nemen.”

Peter: “Na die eerste vijf weken, kreeg je twee maanden ‘rust’, waarin je je kon voorbereiden op de operatie. Was ook dat ‘business-as-usual’?”

Evert: “Het was een opluchting om af te zijn van die dagelijkse chemo en bestraling en de schurende pleisters op mijn borst die de chemoventielen op hun plaats hielden. De operatie was gepland voor 31 mei en ik heb de hele lente gefietst, zoals élke lente. Al heb ik toen geen klassiekers

gereden. Alle ritjes op de fiets noemde ik op Strava “La Résistance”. Als ik ze nu terug bekijk, waren dat er 27 en de laatste op de dag voor de operatie. We hebben die rustperiode gebruikt om voorbereidingen te treffen en afspraken te maken. Je houdt met alles rekening, natuurlijk … En ik ben zelfstandige, dus er moesten nog wel wat dingen geregeld worden …”

Peter: “Heb je al je klanten verteld wat er aan de hand was?”

Evert: “Neen, véél heb ik er niet verwittigd. Ik heb daar met wat uitvluchten omheen gefietst. De meesten hebben het pas nadien vernomen, toen ik bijna helemaal hersteld was.”

Peter: “Gek, hé, dat je dat voor sommige klanten of collega’s verborgen houdt? Je wil niet te boek staan als ‘ziek’, bij die mensen… omdat je bang bent dat sommigen je toch gaan stigmatiseren? Terwijl je er net heel waardig, moedig en optimistisch mee omgaat.”

Evert: “Dat klopt, niemand op de hoogte brengen was een bewuste keuze. In de perceptie van veel mensen ben je zo goed als dood wanneer je kanker krijgt.”

Peter: “Die angst voor stigmatisering is ook niet helemaal ongegrond. Ik ken kankerpatiënten die alleen maar lof hebben over de steun en het begrip die ze kregen tijdens hun behandeling, en ik ken patiënten die door hun werkgever onder druk gezet werden om vakantie op te nemen in plaats van ziekteverlof, en vervolgens toch ontslagen werden, na hun operatie.”

Evert: “Ik ben gewoon aan het werk gebleven, had ook geen keuze. De steun die ik van mijn partner, 2 dochters en enkele goede vrienden ontving waaronder jij, Peter, was wel hartverwarmend.”

Peter: “Wat mij altijd weer opvalt bij mensen die zo’n zware diagnose krijgen, is bijna achteloze moed. De chemo kan erg intrusief zijn. Dan kots je twee dagen lang je ziel uit. Maar ook dan hoor je mensen nauwelijks klagen – terwijl ze daar alle recht zouden toe hebben. Vrijwel alle patiënten die ik ken, waaronder jij, die vriendin, mijn schoonvader, lijken de ziekte ook als iets van voorbijgaande aard te beschouwen. Zo van ‘het is heel vervelend, maar we moeten hier nu even doorheen bijten…’”

Evert: “Ik vergeleek mij altijd al lachend met Denemarken tijdens WOII. De Denen waren bezet maar hebben zich nooit overgegeven. ‘Ik bén Denemarken’ was mijn leuze.”

Peter: “Een gespreksonderwerp tussen ons, in de weken vòòr je operatie, was de plaatsing van een ileostoma, om de geopereerde darm de kans te geven te herstellen. Ik had al heel m’n leven lopen toeteren dat ik nooit een stoma zou aanvaarden. Dat dat voor mij te veel verlies van levenskwaliteit zou betekenen en dat ik daar psychologisch de grens trok. Niet erg kies van mij. Jouw standpunt was heel anders. Jij noemde zo’n stoma letterlijk ‘mijn beste vriend op weg naar herstel’. Was dat ‘moedinsprekerij’ of meende je dat, achteraf bekeken?”

Evert: “Zo’n stoma aangemeten krijgen is ingrijpend, zowel de operatie als het leven ermee. Ik zag dat als mijn “compagnon de route”. Je mag niet vergeten dat patienten vroeger maanden in een bed lagen toen deze generatie van stoma’s nog niet bestonden. Je kan een quasi normaal leven leiden met een stoma.”

Peter: “De operatie duurde lang, bijna zes uur. Voor een stuk omdat de voorbehandeling zo goed had gewerkt, dat de chirurg het letsel – de tumor – maar moeilijk terugvond, omdat die helemaal verschrompeld was. Herstel na zo’n ingreep was niet evident, ook al was je in topconditie?”

Evert: “De eerste zes weken waren geen pretje, neen. Na honderd meter wandelen, was ik bekaf. Het was een vrij warme zomer, die stoma was niet vanzelfsprekend. Maar ik ging toch fietsen, ook al moest ik dan zelfs tijdens korte ritten verschillende keren pauzeren.”

Peter: “Het goede nieuws liet niet lang op zich wachten. Ook toen heb je mij meteen gebeld en ook dat moment kan ik me tot in de details herinneren. Ik stond in het station van Londerzeel aan spoor één op een trein te wachten.”

Evert: “Uit m’n onderzoeken bleek dat de tumor volledig was vernietigd. Ik had de geplande nabehandeling met zwaardere chemotherapie niet meer nodig. En het stoma kon ook zes maand eerder worden verwijderd dan gepland. Ik heb wel nog een longembolie gehad wat bijna vaste prik is na zo’n operatie. Dus moest ik zes maand aan de bloedverdunners, en dat was het zo’n beetje.”

Peter: “Toen je de diagnose kreeg, stelden de dokters dat je in topconditie was, en dat daardoor je kansen op een volledig herstel aanzienlijk groter waren. Ik heb het altijd als een soort van eer beschouwd, dat ik je heb ‘meegesleurd’ in dat fietsen, hoewel we nu niet zo vaak meer samen rijden. Wat heeft het fietsen voor jou betekend vòòr, tijdens en nà je herstelperiode?”

Evert: “Fietsen is voor mij actieve meditatie. Ik heb enkele uren voor mezelf en kan alles mooi op een rijtje zetten terwijl ik mijn lichaam onderhoud. Voor de ingreep was dat vooral om mentaal en fysiek sterk te staan, tijdens de behandeling was het meer om een basisconditie op peil te houden, en erna om terug sterk te worden. Ik vroeg dat weleens aan een behandelende arts of zo’n kankercellen geen vrij spel kregen in een gezond lichaam maar haar antwoord was volmondig neen! Kanker gaat over weerstand en je maakt dat die cellen juist erg lastig met een goede conditie. Vandaar de Résistance ritjes.”

Peter: “Je beleeft het fietsen nu wel anders…”

Evert: “Ik ben niet meer de man die op kop van het vriendenpeloton ligt te sleuren, neen. Ik ben sneller moe. Normaal zit ik vooraan, maar ik blijf nu vaker in de buik van het peloton zitten. En in plaats van ‘kop te trekken’, amuseer ik de jongens achteraan met m’n grappen. De Rapha Festive 500 van 2018 was belangrijk voor mij. Het was het laatste grote fietsevenement waar ik aan deelnam vòòr m’n diagnose, en het was de eerste fietsgebeurtenis die m’n herstel inluidde. Gewoon meedoen was al een overwinning, toen. Maar m’n conditie blijft elk seizoen verbeteren, ook al ben ik vorige week 60 geworden. “

Evert: “Misschien moet je nog iets zeggen over dat uurrecord, Peter …”

 Peter: “In juli vorig jaar, heb ik dan inderdaad dat Belgische en Europese uurrecord gereden, ja. Maar het voelde niet echt als een overwinning aan. Misschien omdat ik intussen getuige was geweest van grootsere prestaties … Wat niet wegneemt dat ik volgend jaar toch nog eens een gooi wil doen naar het wereldrecord.” “Maar ik weet dat jij graag nog iets wil vertellen, iets dat je graag deelt, telkens wanneer je daar de kans voor krijgt…”

Evert: “Darmkanker is een stille moordenaar, ik fietste 12.000 km in 2017, ogenschijnlijk zonder enige reden tot onrust. Zodra je pijn begint te voelen, is het te laat. Dus als je 45 jaar of ouder bent, laat je dan zo snel mogelijk testen …”

Evert Thiry


Touche.be Netwerk van Zorg & Kwaliteit